DNA van De Stichtse Rijnlanden

Een kaart van ons gebied

De Piramide van De Stichtse Rijnlanden

DNA van De Stichtse Rijnlanden

Inspelen op trends en ontwikkeling

Van kaders naar bewegingsruimte

De Piramide van De Stichtse Rijnlanden laat ons nog meer zien. De Piramide zegt iets over de wettelijke verankering en de bestuurlijke ruimte, over het publieke belang en de publieke interesse. 

De basis van de aandacht en inzet van het waterschap ligt voor een deel vast in wetten en verordeningen. Er zijn bijvoorbeeld duidelijke kaders hoe veilig het gebied van De Stichtse Rijnlanden tegen overstromingen moet zijn. De normen voor afvalwaterzuivering ten behoeve van de volksgezondheid zijn ook door hogere overheden vastgesteld.

Ook delen van het waterschapswerk om voldoende water voor een goede leefomgeving te faciliteren liggen grotendeels vast in landelijk en provinciaal beleid. Hoe hoger op de piramide hoe minder vaste kaders, hoe meer bestuurlijke beleidsvrijheid en des te meer ruimte voor lokale belangenbehartiging. Bovenin de piramide bevinden zich ook zaken die vaak de publieke interesse hebben, zoals aandacht voor cultuurhistorie, recreatie en visstandbeheer. 

De figuren laten de tegenstellingen zien: 

  • van wettelijke verankering naar bestuurlijke ruimte;
  • van publiek belang naar publieke interesse.
Sluiten

Het waterschapsbestuur maakt de afweging

Goed waterbeheer voor een leefbaar gebied is deels wettelijk verankerd. Daarnaast geeft de Waterwet het waterschap de verantwoordelijkheid voor de vervulling van maatschappelijke functies. Welke dat zijn is deels bestuurlijke invulling.

Het waterschap wordt steeds vaker gevraagd oplossingen te bedenken voor opgaven die tussen publiek en privaat belang in liggen. De vraag daarbij is waar het waterschap verantwoordelijk voor kan en wil zijn.

Het waterschapsbestuur moet steeds weer de afweging maken:

  • Is de opgave of het belang publiek of privaat? (solidariteits- of profijtbeginsel)?
  • Hoe staat het met de maatschappelijke wens, de economische dragers en de technische mogelijkheden?
  • Wat zijn de (maatschappelijke) kosten en baten?
  • Welke rol kiest het waterschap: zelf doen (trekker), samen doen (belanghebber), laten doen (verantwoordelijke) of overlaten aan de belanghebbende (adviseur)? 
Sluiten

Kosten en verdeling uitgaven

Het waterschap geeft jaarlijks ruim 100 miljoen euro uit voor goed waterbeheer. Bijna de helft hiervan wordt besteed aan het zuiveren van afvalwater. Daarom is het uitgangspunt bij deze taak ’werken tegen de laagst mogelijke maatschappelijk verantwoorde kosten’. Dat geldt ook voor het onderhouden van het watersysteem. Doelmatig onderhoud staat daarom hierbij centraal.

Daarnaast gaat het waterschap kritischer kijken naar degenen die baat hebben bij ingrepen in het watersysteem. Het waterschap maakt hiervoor de kosten als het gaat om een publiek belang en we leggen de kosten neer bij de gebruiker op het moment dat het gaat om een privaat belang.

In de periode 2016-2021 hanteert het waterschap een geïndexeerde nullijn. Dit houdt in dat het waterschap de kosten niet verder laat stijgen, met uitzondering van een inflatiecorrectie. 

Sluiten

Klimaatverandering: meer extremen in waterbeheer

Door klimaatverandering zullen in de toekomst vaker extreme buien optreden, of juist langdurige warme droge periodes. Hierdoor kunnen problemen ontstaan, zoals:

  • overstromingen en wateroverlast door stijgende waterstanden en extreem weer;
  • door droogte minder zoet water, voor bijvoorbeeld drinkwater en landbouw;
  • waterkwaliteitsproblemen onder andere door hitte.

Het waterschap past zijn plannen aan aan de nieuwste inzichten over de klimaatontwikkeling. Aanpassingen aan het watersysteem doet het waterschap per definitie met het oog op de toekomst.

Sluiten
Deelnemen aan nieuwe economieën:

Circulaire economie

Nutsbedrijven staan aan de vooravond van een circulaire economie. Afvalwater biedt grondstoffen en energie, die opnieuw gebruikt kunnen worden. De bekende spelers hebben het niet meer alleen voor het zeggen: groepen burgers (en bedrijven) nemen steeds meer het heft in handen als het gaat om energievoorziening en afvalverwerking. Tegelijk staat de watersector steeds meer in verbinding met andere disciplines: ruimtelijke ordening, natuurbeheer, landbouw, energievoorziening en volksgezondheid. Dat vraagt meer dan ooit om vernieuwing, creativiteit en innovatie. Het begrip ‘nut’ verdient een nieuwe definitie.

Deeleconomie

Deeleconomie is vooral het delen van de toegang tot spullen en kennis. Slimmer gebruiken van wat er al is. Voor het waterschap zijn er drie drijvende krachten: duurzaamheid, kostenbesparing en het sociale aspect van de wil om een ander te helpen.

We hebben publieke voorzieningen om te gebruiken. De dijken zijn zo veel mogelijk vrij om over te wandelen. Leen ruimtes die overdag of ’s avonds leegstaan bijvoorbeeld uit aan plaatselijke verenigingen of deel voorzieningen of apparatuur die we maar af en toe gebruikt met andere bedrijven. Daarmee gaat het waterschap verspilling tegen, helpen we anderen en besparen we eventueel kosten.  

Sluiten

~~Voor het waterschap betekent IT meer dan administratieve (kantoor-) automatisering. Begin 2015 zijn onder andere deze processen al digitaal: Automatische aansturing van de waterpeilen, sensoren die de waterkeringen bewaken (‘live-dijk’), online monitoring van de rioolwaterzuiveringen, open data uit onze watersysteemmetingen, digitale plannen, zoals dit waterbeheerplan en digitale inspraak. Maar er is nog veel meer mogelijk. Waterschappen kunnen zich in hun beheergebied ontwikkelen met:

• informatieproducten met toegevoegde waarde;

• digitale overheidsdienstverlening aan ingelanden, voor water-gereguleerde activiteiten;

• steeds intelligenter en zelfsturender waterpeilen en de chemische waterkwaliteit bewaakt en regelt;

• de ‘2.0 gebiedspartner’ die via digitale (tijdelijke) platforms interactieve en participatieve planvorming faciliteert. 

Bestuurlijke vragen

Hoe verhoudt het waterschap zich tot deze ontwikkelingen: 

• Op welke punten kiest het waterschap voor een passieve, volgende houding?

• Op welke punten alert en actief, aansluitend op wat zich voordoet?

• Op welke punten vooruitstrevend met een voortrekkersrol?

• Hoe wordt afgestemd of afgeremd op landelijke ontwikkelingen? Hoe en tot hoever wordt op samenwerking tussen waterschappen ingezet en hoever gaat de collectiviteit van richting en uniformiteit voor kostenbeperking in de ICT?

• Zijn er, naast dekking uit publieke middelen, ‘verdienmodellen’ mogelijk en wenselijk op informatieproducten? In welke mate wordt er ingezet op waterschaps-apps met informatieproducten die verder gaan dan basale open data?

Kortom, wat is de Informatie- en ICT-strategie en hoe wordt aanvullend bestuurlijk geborgd dat, net als dat bij andere organisaties te zien is geweest, de ICT-capaciteiten van het waterschap groeien zoals dat nodig is voor bijdetijdse maatschappelijke dienstverlening met een kosteneffectiviteit die de overheid past. In de planperiode zal digitale dienstverlening met prioriteit aandacht vragen. De vereisten voor het Nationale Programma Digitaal 2017 en de Laan van de Leefomgeving (voor de Omgevingswet, 2018) zijn voor de waterschappen leidende externe factoren.

Sluiten

Loslaten en verantwoordelijk blijven

De verhoudingen tussen overheid en samenleving zijn gewijzigd. Burgers, maatschappelijke organisaties en bedrijven trekken steeds meer hun eigen plan. Overal worden initiatieven ontplooid om gezamenlijk maatschappelijke doelen te bereiken. Het waterschap verandert om die initiatieven ruimte te geven. Niet alleen om te bezuinigen, maar vooral omdat het waterschap zijn taken niet kan uitvoeren zonder gebruik te maken van de kennis en ervaring van anderen. Dit houdt onder andere in dat het waterschap:

  • processen organiseert met ruimte voor bijdragen van anderen; 
  • niet te snel oplossingen aandraagt;
  • beter nadenkt over de eigen rol en die van anderen;
  • duidelijk is waar ruimte zit voor invloed van anderen en waar juist niet.

Het waterschap zoekt steeds de juiste positie in deze overheidsparticipatietrap, waarbij we zo veel mogelijk bewegen van reguleren naar loslaten.

Sluiten

Contact op maat met digitale dienstverlening

De burger verwacht dat de dienstverlening toegankelijk, transparant en op maat is en dat er - naast deregulering - werk gemaakt wordt van administratieve lastenverlichting. Het waterschap is een regiogebonden, herkenbare overheidsorganisatie, die in de waterschapstraditie streeft naar laagdrempelige toegankelijkheid en contact op maat over lopende zaken. Dit is leidend voor de dienstverlening en daarmee ook voor de digitale dienstverlening. Aanwezigheid in de digitale dimensie, met vindbare en toegankelijke overheidsinformatie én met de gemeente als een belangrijke lokale ingang tot de overheid, naast ook de landelijke loketten. Daar werken alle overheden de komende jaren aan.Uiterlijk in 2017 is alle dienstverlening digitaal aan te vragen (wettelijk verplicht). De andere kanalen, zoals balie, telefoon en post, blijven bestaan en zijn ondersteunend.

Het waterschap werkt al klantgericht met een webshop voor onder andere vergunningverlening en handhaving en het waterschap bouwt dit in de toekomst uit naar alle zaken die burgers bij het waterschap willen regelen. Dit past naadloos bij de drie speerpunten voor toegang via internet:

1. selfservice (op zaterdagavond bij de open haard besluiten dat de steiger er moet komen en direct de vergunning aanvragen en verkrijgen),

2. alles op de kaart en

3. vindbare mens en organisatie (zoals digitale inspraak en ook buiten werktijden actief op social media als twitter) 

Sluiten

Aangenaam kennis te maken!

Wij zijn De Stichtse Rijnlanden. Ons waterschap heeft een heel divers beheergebied: van de hoge zandgronden op de Heuvelrug waar het water diep in de grond zit, via de voormalige moerassen in de Langbroekerwetering, het kleine rivierengebied langs de Kromme Rijn, de stedelijke gebieden van Houten, Utrecht, Nieuwegein naar de twee heel verschillende veenweidegebieden in de Lopikerwaard en het Oude Rijngebied rondom Woerden. De heel verschillende gebieden zorgen voor heel afwisselend werk aan water.

Lange tijd "zorgden we voor" "veilige dijken, droge voeten en schoon water”, maar deze slogans passen niet meer in de huidige tijd. Wij willen samen met elkaar werken aan “leven met water!” voor een veilig en gezond leefgebied. Hierbij zetten wij onze talenten in. We zetten ons met toewijding en passie in voor goed waterbeheer.

We maken hierbij de omslag van “zorgen voor...” naar “samen met…”. We leven ons in in de behoeften van de maatschappij en stellen ons dienstbaar en open op. We voelen ons verantwoordelijk voor goed waterbeheer en geven ruimte om samen te zorgen dat we ook de komende eeuw nog echt kunnen leven met water.

Dat is uw waterschap: Hoogheemraadschap de Stichtse Rijnlanden!

Samen met elkaar

Water heeft heel veel vormen van gebruik en dient daarmee verschillende maatschappelijke functies. Om al deze vormen van watergebruik te kunnen bedienen, onderscheiden het waterschap de thema’s: veilig tegen overstromingen, voldoende water, gezond water, gezuiverd afvalwater en gebruik & beleving. Elk thema heeft te maken met een of meerdere maatschappelijke functies. Met de Piramide van De Stichtse Rijnlanden laten wij die verbinding zien.

De Piramide geeft weer waarom het waterschap aan alle deze waterthema’s werkt. Het geeft focus op dat wat moet en dat wat mag. Van onder naar boven in de piramide: “van overleven naar genieten, prioriteiten in het waterschapswerk”. 

Van kaders naar bewegingsruimte

De Piramide van De Stichtse Rijnlanden laat ons nog meer zien. De Piramide zegt iets over de wettelijke verankering en de bestuurlijke ruimte, over het publieke belang en de publieke interesse. 

De basis van de aandacht en inzet van het waterschap ligt voor een deel vast in wetten en verordeningen. Er zijn bijvoorbeeld duidelijke kaders hoe veilig het gebied van De Stichtse Rijnlanden tegen overstromingen moet zijn. De normen voor afvalwaterzuivering ten behoeve van de volksgezondheid zijn ook door hogere overheden vastgesteld.

Ook delen van het waterschapswerk om voldoende water voor een goede leefomgeving te faciliteren liggen grotendeels vast in landelijk en provinciaal beleid. Hoe hoger op de piramide hoe minder vaste kaders, hoe meer bestuurlijke beleidsvrijheid en des te meer ruimte voor lokale belangenbehartiging. Bovenin de piramide bevinden zich ook zaken die vaak de publieke interesse hebben, zoals aandacht voor cultuurhistorie, recreatie en visstandbeheer. 

De figuren laten de tegenstellingen zien: 

van wettelijke verankering naar bestuurlijke ruimte;

van publiek belang naar publieke interesse.

Het waterschapsbestuur maakt de afweging

Goed waterbeheer voor een leefbaar gebied is deels wettelijk verankerd. Daarnaast geeft de Waterwet het waterschap de verantwoordelijkheid voor de vervulling van maatschappelijke functies. 

Het waterschap wordt steeds vaker gevraagd met oplossingen te komen voor opgaven die tussen publiek en privaat belang in liggen. De vraag daarbij is waar het waterschap verantwoordelijk voor kan en wil zijn.

Het waterschapsbestuur moet steeds weer de afweging maken:

  • Is de opgave of het belang publiek of privaat? (solidariteits- of profijtbeginsel)?
  • Hoe staat het met de maatschappelijke wens, de economische dragers en de technische mogelijkheden?
  • Wat zijn de (maatschappelijke) kosten en baten?
  • Welke rol kiest het waterschap: zelf doen (trekker), samen doen (belanghebber), laten doen (verantwoordelijke) of overlaten aan de belanghebbende (adviseur)? 

Kosten en verdeling uitgaven

Het waterschap geeft jaarlijks ruim 100 miljoen euro uit voor goed waterbeheer. Bijna de helft hiervan wordt besteed aan het zuiveren van afvalwater. Daarom is het uitgangspunt bij deze taak ’werken tegen de laagst mogelijke maatschappelijk verantwoorde kosten’. Dat geldt ook voor het onderhouden van het watersysteem. Doelmatig onderhoud staat daarom hierbij centraal.

Daarnaast gaat het waterschap kritischer kijken naar degenen die baat hebben bij ingrepen in het watersysteem. Het waterschap maakt hiervoor de kosten als het gaat om een publiek belang en we leggen de kosten neer bij de gebruiker op het moment dat het gaat om een privaat belang.

In de periode 2016-2021 hanteert het waterschap een geïndexeerde nullijn. Dit houdt in dat het waterschap de kosten niet verder laat stijgen, met uitzondering van een inflatiecorrectie. 

Klimaatverandering: meer extremen

Door klimaatverandering zullen in de toekomst vaker extreme buien optreden, of juist langdurige warme droge periodes. Hierdoor kunnen problemen ontstaan, zoals:

  • overstromingen en wateroverlast door stijgende waterstanden en extreem weer;
  • door droogte minder zoet water, voor bijvoorbeeld drinkwater en landbouw;
  • waterkwaliteitsproblemen onder andere door hitte.
Het waterschap past zijn plannen aan aan de nieuwste inzichten over de klimaatontwikkeling. Aanpassingen aan het watersysteem doet het waterschap per definitie met het oog op de toekomst.
Deelnemen aan nieuwe economieën:

Circulaire economie

Nutsbedrijven staan aan de vooravond van een circulaire economie. Afvalwater biedt grondstoffen en energie, die opnieuw gebruikt kunnen worden. De bekende spelers hebben het niet meer alleen voor het zeggen: groepen burgers (en bedrijven) nemen steeds meer het heft in handen als het gaat om energievoorziening en afvalverwerking. Tegelijk staat de watersector steeds meer in verbinding met andere disciplines: ruimtelijke ordening, natuurbeheer, landbouw, energievoorziening en volksgezondheid. Dat vraagt meer dan ooit om vernieuwing, creativiteit en innovatie. Het begrip ‘nut’ verdient een nieuwe definitie.

Deeleconomie

Deeleconomie is vooral het delen van de toegang tot spullen en kennis. Slimmer gebruiken van wat er al is. Voor het waterschap zijn er drie drijvende krachten: duurzaamheid, kostenbesparing en het sociale aspect van de wil om een ander te helpen.

We hebben publieke voorzieningen om te gebruiken. De dijken zijn zo veel mogelijk vrij om over te wandelen. Leen ruimtes die overdag of ’s avonds leegstaan bijvoorbeeld uit aan plaatselijke verenigingen of deel voorzieningen of apparatuur die we maar af en toe gebruikt met andere bedrijven. Daarmee gaat het waterschap verspilling tegen, helpen we anderen en besparen we eventueel kosten. 

IT en het waterschap

IT ontwikkelt zich snel en dringt diep in de maatschappij en het alledaagse leven door: Internetbankieren, webshops en digitaal zakendoen, een wereld met apps, met serious gaming, social media en ook ‘big brothers met big data’.

Voor het waterschap betekent IT meer dan administratieve (kantoor-) automatisering. Begin 2015 zijn o.a. deze processen al digitaal : Automatische aansturing van de waterpeilen, sensoren die de waterkeringen bewaken (‘live-dijk’), online monitoring van de rioolwaterzuiveringen, open data uit onze watersysteemmetingen, digitale plannen, zoals dit waterbeheerplan en digitale inspraak.

Maar er is nog veel meer mogelijk. Waterschappen kunnen zich in hun beheergebied ontwikkelen met:

· informatieproducten met toegevoegde waarde.

· digitale overheidsdienstverlening aan ingelanden, voor water-gereguleerde activiteiten.

· steeds intelligenter en zelfsturender waterpeilen en de chemische waterkwaliteit bewaakt en regelt.

· ‘de 2.0 gebiedspartner’ die via digitale (tijdelijke) platforms interactieve en participatieve planvorming faciliteert.

Waterbewustzijn vergroten

De OESO adviseert de waterschappen om het waterbewustzijn bij burgers en daarmee het waterbewust handelen te vergroten. Het geringe waterbewustzijn komt doordat waterschappen zijn inwoners almaar heeft ontzorgd. Het waterschap gaat gebruikers nu op hun eigen verantwoordelijk in het waterbeheer wijzen. Het waterschap regelt alleen publieke zaken.

Loslaten en verantwoordelijk blijven

De verhoudingen tussen overheid en samenleving zijn gewijzigd. Burgers, maatschappelijke organisaties en bedrijven trekken steeds meer hun eigen plan. Overal worden initiatieven ontplooid om gezamenlijk maatschappelijke doelen te bereiken. Het waterschap verandert om die initiatieven ruimte te geven. Niet alleen om te bezuinigen, maar vooral omdat het waterschap zijn taken niet kan uitvoeren zonder gebruik te maken van de kennis en ervaring van anderen. Dit houdt onder andere in dat het waterschap:

  • processen organiseert met ruimte voor bijdragen van anderen; 
  • niet te snel oplossingen aandraagt;
  • beter nadenkt over de eigen rol en die van anderen;
  • duidelijk is waar ruimte zit voor invloed van anderen en waar juist niet.

Het waterschap zoekt steeds de juiste positie in deze overheidsparticipatietrap, waarbij we zo veel mogelijk bewegen van reguleren naar loslaten.

Contact op maat met digitale dienstverlening

De burger verwacht dat de dienstverlening toegankelijk, transparant en op maat is en dat er - naast deregulering - werk gemaakt wordt van administratieve lastenverlichting. Het waterschap is een regiogebonden, herkenbare overheidsorganisatie, die in de waterschapstraditie streeft naar laagdrempelige toegankelijkheid en contact op maat over lopende zaken. Dit is leidend voor de dienstverlening en daarmee ook voor de digitale dienstverlening. Aanwezigheid in de digitale dimensie, met vindbare en toegankelijke overheidsinformatie én met de gemeente als een belangrijke lokale ingang tot de overheid, naast ook de landelijke loketten. Daar werken alle overheden de komende jaren aan.Uiterlijk in 2017 is alle dienstverlening digitaal aan te vragen (wettelijk verplicht). De andere kanalen, zoals balie, telefoon en post, blijven bestaan en zijn ondersteunend.

Het waterschap werkt al klantgericht met een webshop voor onder andere vergunningverlening en handhaving en het waterschap bouwt dit in de toekomst uit naar alle zaken die burgers bij het waterschap willen regelen. Dit past naadloos bij de drie speerpunten voor toegang via internet:

1. selfservice (op zaterdagavond bij de open haard besluiten dat de steiger er moet komen en direct de vergunning aanvragen en verkrijgen),

2. alles op de kaart en

3. vindbare mens en organisatie (zoals digitale inspraak en ook buiten werktijden actief op social media als twitter)

Draai u tablet een kwart slag Sorry, no mobile version yet